Korte samenvatting:
De liefde voor literatuur is niet genoeg voor een warmbloedige jonge vrouw. In de feestmaand december voelt ze de eenzaamheid nog sterker dan anders. Nu heeft ze via een datingsite Gilbert ontmoet, een aantrekkelijke Fransman. Is hij werkelijk de man van haar dromen? Hun afspraak voor de kerstdagen ziet er veelbelovend uit, maar er is veel dat ze nog niet over hem weet.
Fragment:
De eerste ontmoeting verliep helemaal volgens het boekje. Ze bekeken elkaar, waren niet teleurgesteld, en gingen meteen over tot de volgende fase: het verder uitwisselen van statistische gegevens. Ze dronken koffie op een verwarmd terras en het gesprek werd al gauw meer ongedwongen. Ze praatten over de passies die ze gemeen hadden: films, boeken, wijn. Gilbert was voor twee jaar in Nederland, en voelde zich wat ontheemd.
‘De vrouwen hier zijn zo anders,’ zei hij. Toen raakte hij tot haar verrassing de rug van haar hand die op de tafel rustte aan en zei: ‘Maar jij niet, volgens mij.’
Ze probeerde te verbergen dat zijn aanraking een schok door haar heen had gevoerd en vroeg wat hij precies bedoelde.
‘Ze zijn zo hard en haastig, die Hollandse vrouwen,’ meende hij. ‘Zo assertief. Assertief is natuurlijk goed, hoor,’ haastte hij zich eraan toe te voegen, want daarvoor was hij al lang genoeg in Nederland. ‘Maar…’
Ze knikte, volkomen bereid wat minder assertief te zijn voor iemand die zo aantrekkelijk was.
De tweede keer gingen ze naar een Franse film in het Kijkhuis, en daarna dronken ze een glas wijn in De Vergulde Kruik, een van de oudste kroegjes in de stad. Vergenoegd keek Gilbert om zich heen. ‘Mooi, al die historie,’ zuchtte hij. ‘Alleen die wijn…’ Hij trok een vies gezicht.
Het was bij die gelegenheid dat hij haar vertelde dat zijn vader een wijnboer was in de Bourgogne. Wijnboer, zo noemde hij het. Ze zocht thuis de naam van de wijngaard in haar Oxford Companion to Wine op, en zag dat deze tot een van de meeste gerenommeerde van de kleinere wijnhuizen uit de streek behoorde. Plotseling voelde ze zich heel suf met haar LOI wijncursus. Gilberts familie behoorde tot de wijnadel uit een van de meest prestigieuze wijngebieden. Wat zag hij in godsnaam in haar? Want hij zag iets in haar, dat was duidelijk aan de manier waarop hij haar aankeek en haar hand had aangeraakt.
‘De vrouwen hier zijn zo anders,’ zei hij. Toen raakte hij tot haar verrassing de rug van haar hand die op de tafel rustte aan en zei: ‘Maar jij niet, volgens mij.’
Ze probeerde te verbergen dat zijn aanraking een schok door haar heen had gevoerd en vroeg wat hij precies bedoelde.
‘Ze zijn zo hard en haastig, die Hollandse vrouwen,’ meende hij. ‘Zo assertief. Assertief is natuurlijk goed, hoor,’ haastte hij zich eraan toe te voegen, want daarvoor was hij al lang genoeg in Nederland. ‘Maar…’
Ze knikte, volkomen bereid wat minder assertief te zijn voor iemand die zo aantrekkelijk was.
De tweede keer gingen ze naar een Franse film in het Kijkhuis, en daarna dronken ze een glas wijn in De Vergulde Kruik, een van de oudste kroegjes in de stad. Vergenoegd keek Gilbert om zich heen. ‘Mooi, al die historie,’ zuchtte hij. ‘Alleen die wijn…’ Hij trok een vies gezicht.
Het was bij die gelegenheid dat hij haar vertelde dat zijn vader een wijnboer was in de Bourgogne. Wijnboer, zo noemde hij het. Ze zocht thuis de naam van de wijngaard in haar Oxford Companion to Wine op, en zag dat deze tot een van de meeste gerenommeerde van de kleinere wijnhuizen uit de streek behoorde. Plotseling voelde ze zich heel suf met haar LOI wijncursus. Gilberts familie behoorde tot de wijnadel uit een van de meest prestigieuze wijngebieden. Wat zag hij in godsnaam in haar? Want hij zag iets in haar, dat was duidelijk aan de manier waarop hij haar aankeek en haar hand had aangeraakt.


